21 ONGEBRUIKELIJKE KALENDERS
21 Unusual Calendars
21 calendriers inusités
21 Ungebräuchliche Kalender
van drukkerij douma dokkum ontworpen door

Joop Visser ©

Thumbnails:

1993
de demonologie van de Transsylvaanse Zigeuners

1994de maankalender

1995 kamermuziek
-Autolycus' song from The Winter's Tale-

1996 Sound-scapes

Gevoelde Geluiden

1997 Boccaccio

1998
seafarer, kalender en kunstenaarsboek + complete vertaling

1999
Zuid-Amerikaanse godenverhalen
een wit beschilderd Amatle papier
twee stenen in de stroom


de kalenders van 1999 en 2001 werden genomineerd in de

'KALENDERwedstrijd'

van 'het GRAFISCHweekblad'

2000 Het darmenpaleis
_.•ºˆº•._.•ºˆº•._.•ºˆº•._.•ºˆº•._

2001Avond in Edo

Van het Oude Volk 2002

Saint Cuthbert's path & the footsteps of Saint Columba
2003

2004 de Eilandvis

Coastal Pieces 2005

From Bulgaria to Scotland 2006

2007
The Crooked Glenn of Stones

2008

afbeelding konijnThe Jumpy Calendar

2009 De Jas van Bjarni

2010
de Zegen van Babel's To(o)r(e)n

2011

Portico Meles Meles – De Dassen-portiek

2012
Black Agnes

2013
Dagboek

2014
Valentines


KVGO-jubileumprijs


*het Grafisch weekblad 6 dec 2000 week 49 nr 49:

"KALENDER DRUKKERIJ DOUMA
NIET PRAKTISCH
MAAR VOORAL LEUK"

DOOR ELLEN POUWELS

'EEN KLASSIEKE KALENDER
IS EEN TRAGISCH DING'

'Ik weet niet of je ooit wel eens geprobeerd hebt op
een kalender een datum te zoeken als je niet weet
wat het gisteren was.
Dat gaat dus niet. Zelfs niet op een functioneel exemplaar.
Het lukt je alleen als je de datum al weet.
Waar heb je zo'n ding dan voor?'

'Als een duidelijk calendarium wel het uitgangspunt is,
dan moet je er als ontwerper niet allerlei rotzooi omheen doen
met plaatjes en weet ik wat voor flauwekul'

Aan het woord is grafisch ontwerper, schilder, keramist, vertaler en componist Joop Visser,
die al zo'n tien jaar kalenders ontwerpt voor Drukkerij Douma.
Bij deze offsetdrukkerij werken tien man in de handelsdrukkerij in Dokkum en vier in de vestiging Surhuisterveen.

Joop Visser en drukkerijdirecteur Nico Douma leerden elkaar lang geleden kennen bij de uitreiking van een Kopper-maandagprent bij de 'Handelsdrukkerij van 1874' in Leeuwarden. Douma was toen net bezig over te schakelen op offset met als gevolg dat de boekdrukinventaris in de loop der tijd verhuisde naar het atelier van Visser in het vierhonderd inwoners tellende Friese Easterlittens. Aardige tegenstelling is, aldus de goedlachse Visser die tijdens het gesprek dan ook geregeld hard moet lachen om z'n eigen invallen, dat hij dat atelier deelt met een digitaal-ontwerper en een papier- en boekrestauratrice.

Zenuwachtig

'Als je niet uitkijkt krijg je als bedrijf zo'n veertig, vijftig kalenders per jaar,' aldus Douma. 'Daar zitten vaak veel functionele bij, want iedereen is altijd erg zenuwachtig of zijn kalender wel te gebruiken is. Nou, zo'n kalender hoeft voor ons niet zo nodig. Doe dan maar een keer een leuke. Het kan me echt niet schelen of mijn kalender ooit als zodanig wordt gebruikt.' De kalenders van drukkerij Douma munten dus bepaald niet uit in gebruiksvriendelijkheid. Het zijn meer kunstwerkjes die dienen als een proeve van bekwaamheid van ontwerper en drukker.

 

 

Vorig jaar stuurde Douma voor de Kalenderwedstrijd een kalender in met de passende titel 'Raadselen'. De kalender werd steeds langer maar kon door stansing ook op de helft worden opgehangen. Dit ontwerp met poëzie en teksten uit onder meer China, het Midden-Oosten, Engeland en Schotland was een moeilijk te doorgronden geheel, aldus het commentaar in 'het Grafisch Weekblad'. De jury was wel gecharmeerd van het snel verkleurende papier en de afwerking met een opbindtouwtje uit het loodtijdperk, maar daar tegenover stond de klacht over de onbruikbaarheid. Want: 'eenmaal opgehangen blijft de kalender maar moeilijk in het gareel'. Toch stuurt Nico Douma ieder jaar trouw zijn ­ meestal kostenverslindende - kalender in voor de wedstrijd, hoewel hij van tevoren al weet dat hij niet gauw iets zal winnen en dat de jury eigenlijk niet weet wat ze met zijn product aanmoet.

'We zeggen vaak tegen elkaar "Wat zal de jury nu weer gaan roepen?" Bij ons is de bruikbaarheid, waar de juryleden zo op hameren, niet het uitgangspunt. Wij maken een kalender die we leuk vinden en waar een bepaald verhaal in zit. Je loopt dan wel het risico dat de ontvanger de kalender anders gebruikt dan de bedoeling is. Het ding zit soms zo ingewikkeld in elkaar dat ik klanten die er echt niet meer uitkomen help met installeren. Toen ik twee jaar geleden aanwezig was bij de Kalender-prijsuitreiking in de Grote Kerk in Naarden zag ik onze inzending, die niet kon hangen, weggemoffeld op een tafel liggen. Ook toen heb ik het opzetten voor mijn rekening genomen. Het zal wel nooit wat worden tussen de jury en ons, maar dat vinden we niet erg. Ik kom bij onze klanten nog steeds oude kalenders tegen als versiering van het kantoor, gewoon omdat het een mooi ding is. We hebben zelfs een schare verzamelaars.'

 

Hoogstandjes

Douma wil met de kalender ieder jaar zijn klanten, waaronder veel noordelijke reclamebureaus die met niet-geijkte en vaak luxe klussen komen, laten zien wat zijn bedrijf op het gebied van drukken, prägen, plakken en stansen in huis heeft. En dat, hoe bewerkelijk iets ook is, het in principe in eigen huis wordt uitgevoerd. Geregeld komen als gevolg van de kalenderhoogstandjes opdrachten binnen van nieuwe klanten. Zoals laatst de opdracht van een Duitse uitgever voor het vervaardigen van een luxe uitnodiging voor relaties voor de Buchmesse. Dat werd uiteindelijk een door Visser ontworpen pop-up.

Hoe moeilijk de kalenderontwerpen van Visser ook zijn, het is tot nu toe nog steeds gelukt ze in de praktijk uit te voeren. Toppunt van ingewikkeldheid was de kalender van twee jaar geleden, opgedragen aan een andere hobby van de ontwerper: varen en water. Voor die kalender bedacht hij een pop-up. Dwars door drie openvallende dubbele pagina's vaart een Vikingschip op harmonica-achtige golven en in de lucht zweven engelachtige wezens. Het zal duidelijk zijn dat in deze productie vele uren vouw- en stanswerk zijn gaan zitten. De thuiswerkcentrale die de kalender in elkaar moest zetten kwam niet verder dan twee exemplaren per uur... De uiteindelijke oplage bleef steken op tweehonderd stuks.

 

Gestrand

'Het schip is dus letterlijk gestrand' is het laconieke commentaar van Douma. Voor een klein clubje insiders verscheen toen ook een losbladig kartonnen boek - oplage tien exemplaren - in verschillende versies dat met touwtjes bij elkaar wordt gehouden. Het dient als staalkaart van een aantal technische hoogstandjes in offset die niet in de kalender konden worden verwerkt. Je zou met dit doel voor ogen ook een full colour-brochure met plaatjes kunnen maken, maar volgens Douma doet iedereen dat al. De definitieve versie van het boek werd onlangs gepresenteerd op de Buchmesse. Enkele goede klanten hebben inmiddels een exemplaar ontvangen. Voor het verkrijgen van de metallic-achtige effecten werd voor kalender en boek Venicelux Metallic parelmoer 250 g/m2 en Svecia Antiqua 1777 280 g/m2 gebruikt.

Voor de kalender werd de eerste soort ingezet voor de winter en de tweede voor de zomermaanden. Proost en Brandt leverde beide papiersoorten. Het boek werd opgebouwd rond een oud-Engels anoniem gedicht over een zeeman uit 600 na Christus. Visser vertaalde dat in het kader van zijn studie Oud-Engels. Verder verwerkte hij in de uitgave de inschiet van andere drukopdrachten van Douma, bijvoorbeeld een folder over een bootshow. 'Ze weten in de drukkerij wat ik mooi vind en wat niet. Ik krijg bijvoorbeeld tips over speciale papiersoorten, ook als die moeilijk te bedrukken zijn. De afgelopen jaren liep ik zo als een ekster twee keer per maand allerlei drukwerk bij elkaar te sprokkelen. Soms kreeg ik wel eens de indruk dat de drukkers de zenuwen van me kregen,' vertelt Visser monter.

 

Tragisch ding

Terug naar de kalenderhistorie van Douma en de bevindingen van Visser: 'Zo zocht ik voor mijn derde Douma-kalender uit wat nou precies een kalender is en daar heb ik me zoals gebruikelijk weer helemaal ingestort. Het eind van het liedje was dat ik een kalender een vrij tragisch ding vind. In deze absurditeit vind ik het desondanks toch leuk het ene jaar een meer en het andere jaar een minder herkenbaar calendarium te ontwerpen. Maar duidelijkheid kan natuurlijk nooit de hoofdzaak van mijn kalender zijn. En als een duidelijk calendarium wel het uitgangspunt is, dan moet je er als ontwerper niet allerlei rotzooi omheen doen met plaatjes en weet ik wat voor flauwekul.'

De kalender 2001 staat al zo'n tien jaar op stapel. Het wordt een Japans kamerscherm (37x50 cm) waar een CD (extra kosten 1500) bij hoort met door Visser gecomponeerde Japanse klanken gespeeld op een klein draaiorgeltje, aangevuld met gesproken tekst. Eén van die teksten wordt ook gedrukt op het papieren scherm. Bij de kalender hoort verder een poppenspel, gebaseerd op een door Visser gecomponeerd Japans muziekdrama getiteld 'Een avond in Edo'. Het toneelstuk werd oorspronkelijk in het Nederlands geschreven, daarna vervolgens vertaald in het Fries, Italiaans, Engels en Duits afhankelijk waar het werd opgevoerd. De kans dat de Kamerscherm-kalender ook daadwerkelijk als kalender wordt gebruikt is dus weer klein. Met het oog hierop trakteert Douma zijn klanten dit keer op een extra huis-tuin-en-keukenkalender met wel een duidelijk calendarium.

Visser en Douma: 'Het kan me echt niet schelen of mijn kalender ooit als zodanig wordt gebruikt'

het GRAFISCH weekblad, 17 februari 1999, de Genomineerden:

"Gek, apart, creatief, ingewikkeld, opvallend, moeilijk bruikbaar en vol afwerktrucs is, kort samengevat, de omschrijving van de kalender Zuid-Amerika van Drukkerij Douma Dokkum. De kalender is een ode aan een eenmalige aanmaakpapier uit 1998 'Limited Edition, thunder & lightning'. Tekst en beeld werden verzorgd door Joop Visser. De begeleidende, uitgebreide toelichting bij deze kalender door de ontwerper is beslist geen overbodige luxe."

het GRAFISCH weekblad, 14 februari 2001, de Jurering:

"Jurylid Steven Hond speelt piano. Als bladmuziek dient de Doumakalender 'Een Avond in Edo'. Broodnodige ontspanning tijdens een lastige taak, want het aanbod van kalenders en agenda's valt de jury niet mee."
"Ook dit jaar is er weer de discussie 'creativiteit versus functionaliteit'. Sommige ontwerpers beschouwen kalenders in de eerste plaats als een gebruiksartikel simpelweg om te zien welke datum het vandaag is. Anderen daarentegen zien ze veel meer als wandversiering. Inzender Nico Douma van de gelijknamige Drukkerij bijvoorbeeld. 'Een functionele kalender hoeft voor ons niet zo nodig. Doe dan maar een keer een leuke. Het kan me echt niet schelen of mijn kalender ooit als zodanig wordt gebruikt,' aldus Douma in GW nr 49(*) van vorig jaar. Nico Douma en ontwerpwer Joop Visser stuurden dit jaar een bureaukalender in de vorm van een Japans kamerschermpje. Zoals Douma reeds verwachtte, vinden de juryleden de kalender niet erg bruikbaar. Wel zijn ze vol lof over het fraaie stanswerk van de kalender en vinden ze de bijbehorende CD met Japanse muziek uitermate origineel."


algeheel motto voor de kalenders:
"dat ledigheyd en niet hebbende goeds genoeg om daaraf te mogen leven genoegzaam indicie is om de voorsz. gevangenen ter
bank en torture te leggen"
Utrechts Plakkaatboek, 1564