| HOME | ||||||||||||||||
| naar de kalender van het jaar: | ||||||||||||||||
| 1993 | 1994 | 1995 | 1996 | 1997 | 1998 | 1999 | 2000 | 2001 | 2002 | 2003 | 2004 | 2005 | 2006 | 2007 | 2008 | 2009 |
de ONBEDUIDENDEkalender van 2004
De Zee weerstreeft geen stormen.
Op de avond in een ruw seizoen
beukt de oceaan het weerloos strand.
Onbewogen echter beschermt een rots de baai;
zo brengt een krachtig geest rust in zijn omgeving.
uit de 'Gnomic Verses' in de vertaling van Joseph Johannes (Joop) Visser
Saint
Columba
De Eiland-vis
twee hervertellingen van Joop Visser
Broeder Berach zet zeil voor de overtocht van Iona naar Eth, of
Tiree zoals we het nu noemen. Columba raadt hem de verschrikkelijke
walvis, die huist in open zee, te ontwijken door onder de kleinere
eilanden te blijven.
Berach slaat dat in de wind, maar wordt als door de bliksem getroffen
wanneer het monster zich vertoont: wonderbaarlijk en enorm.
Als een eiland verheft het zich uit zee en veroorzaakt een vloedgolf,
die de kwetsbare naue* wegsmijt en de roeiers doet vrezen voor
hun leven.
* Een naue is een in onbruik geraakt woord voor een klein vaartuig; vergl.: naumachie - spiegelgevecht op een meer of vijver; in de Griekse oudheid en als postklassiek Grieks leenwoord in het Latijn kennen we 'naumachia' als scheepsstrijd, Lat.: naucum is iets zeer gerings of onbeduidends Saint Columba is één van de 'opper-heiligen' die omgeven wordt met de meest spectaculaire taalvaardigheidsverhalen.
Wanneer Baithene diezelfde
ochtend aan Columba meldt eveneens naar Eth te zullen roeien,
beschrijft de ziener hem het voorval dat juist dan plaatsgrijpt.
De broeder zegt hem: "Ik ben, als het dier: in Gods macht."
Daarmee weet Columba hem in goede hand en maakt geen bezwaar tegen
een oversteek op open zee.
Als dan de walvis aan de oppervlakte komt heft Baithene de handen
en zegent zee en vis.
Daarop glijdt het dier onder de golven en laat de roeiers zingend
achter.

Al van ruim 1000 jaar
voor onze jaartelling is er neerslag in de vorm van tekst en afbeelding
rond wederwaardigheden met betrekking tot 'de Eiland-vis' als
onderdeel behorend bij reisverhalen.
'Vis en Boot' als onverbrekelijk beeld in één afbeelding
werd in middeleeuwse boeken zelfs zozeer clichée, dat eenzelfde
afbeelding op vele plaatsen opduikt om als illustratie te dienen.
Vermelding van de Eiland-vis is een welhaast vast gegeven in de
'Bestiaries'; een verzameling verzen: Artis Natura Magistra.
|
Winfred aan Nithard de jongere: Eangyth en Bugga aan Winfred: Bugga aan Winfred: |
Winfred aan Bugga: Winfred aan Eadburga: |
Winfred aan eadburga: Torthelm of Leicester aan Winfred: |
| Winfred aan Paus Zacharius: "Het verhaal gaat dat op de eerste dag van januari, jaar in jaar uit, midden in Rome en in de buurt van Sint Pieters kerk, het ganse etmaal alle mogelijke lieden, zingend als goddelozen, door de straten gaan; schreeuwend en onchristelijke liederen zingend, terwijl dag en nacht tafels staan opgetast met voedsel, en dat terwijl men thuis zijn buren niet eens vuur, gereedschap of gerief gunt. Men vertelt daar ook vrouwen gezien te hebben met amuletten en armbanden, naar heidense mode aan armen en benen, die ze te koop aanbieden aan gretige kopers. Al zulke zaken, gezien door slecht gestemden en onwetende mensen, zijn oorzaken voor afweizing en hinderlijk voor onze preken en het uitdragen van de leer. We zenden u enige kleinigheden, Uwe Pauselijkheid onwaardig, maar als tken van onze vriendschap en dienstbaarheid: een warm kleed, enig zilver en goud." |
Gemmulus aan Winfred: Gemmulus aan Winfred: |
Winfred aan Daniel: "Er is in mijn zendingspost één ding waarnaar ik verlang, als ik zo vrij mag zijn dat van uw vaderlijke vriendschap te verlangen, namelijk: dat u mij het boek van de Profeten zuodt sturen dat in eerbiedwaardige herinnering Abt Winbert, mijn vroegere leraar, naliet, toen hij van dit leven heenging naar de Heer, en waarin zijn opgenomen de zes Profeten in één band, voluit en in helder schrift uitgeschreven. Als God uw hart beweegt dit te doen, zoudt u mij daarmee geen groter troost kunnen brengen op mijn oude dag, nog uzelf groter verzekering op beloning. Ik kan in dit land zulk een boek van de Profeten niet verkrijgen en met mijn afnemend gezichtsvermogen kan ik niet goed meer klein schrift vol ligaturen, samentrekkingen en afkortingen lezen. Ik vraag om dit boek omdat het helder gecopieëerd is en alle letters duidelijk uitgeschreven zijn." |
| Winfred aan Daniel: "Ondertussen zend ik met de priester Fothere een brief en een kleine gift als teken van mijn oprechte vrienschap, een badhandoek, niet van pure zijde maar met ruw geitenhaar erdoor, om uw voeten te drogen." |
Winfred aan Ethelbald: Theophylctus aanWinfred: |
Theophylactus aan Winfred: Kardinaal-Bisschop Benedict aan Winfred: |
| Winfred aan Aartsbischop Egbert von York: "Wij hebben met blijdschap en een dankbaar hart de geschenken en de boeken die u zond ontvangen. U zoudt ons nu ook nog een buitengewoon genoegen doen door toezending van een vonk van licht van de Kerk, dat de Heilige Geest zo goed is geweest in uw land te laten schijnen, voornoemd genoegen zou er uit bestaan, dat u ons een deel toestuurt van de traktaten die Bede, die deze zo geïnspireerde preister en student van de Heilige Schrift heeft laten verschijnen in schrift. Wel heel speciaal, als dat kan, zijn voordracht betreffende de jaargebeden, die zulk een bruikbare hulp zouden zijn bij ons prediken, en de spreuken van Saloman. We hebben gehoord dat hij daarover kommentaren heeft geschreven in dit boek. Tot slot: we zenden u met drager van deze brief twee kleine vaatjes wijn, die we u vragen als teken van onze vriendschap, te gebruiken voor een plezierige dag met de broeders. We hopen dat u onze vraag zodanig behandelt dat uw dank moge schijnen tot in de hoogste hemelen." |
Koning Ethelbert van Kent aanWinfred: "Met drager dezes zend ik aan Uwe Eeerwaardige in diepste toeweiding enkele geschenken: een zilveren, met goed afgezette drinkbeker met het gewicht van drie en een half pond en twee wollen mantels. We zenden de gave niet met de bedoeling of verwachting er nig aards goed voor terug te krijgen; maar eerder op onze knieën smekend dat u ons wilt ondersteunen met gebed in deze geweldadige tijd, met zijn veelvoud van onverwachte problemen en in deze wereld vol van schande, en gelijkelijk zouden we uwe eerwaarde willen vragen deze steun in gebd ook aan anderen op te dragen; en dan niet slechts voor mijn sterfelijk leven maar ook na mijn dood, mocht u mij overleven. Na dit kort te hebben gezegd is er nog een kleinigheid die ik van u zou willen vragen, en die naar ik vernomen heb u niet veel moeite zal kosten: namelijk dat u me een paartje valken zou willen sturen die zo slim zijn en zo moedig dat ze zonder weifeling kraanvogels aanvallen, en na ze te stoten deze naar de grond zullen brengen." |
voortzetting: "We vragen u zulke vogels te vinden en ze ons toe te zenden, want er zijn te weinig havikken van een zodanig kaliber in ons land dat is, in Kent dat daarmee is te fokken naar nageslacht dat een snelle intelligentie heeft, vechtkracht heeft en, na hand-tam te zijn gemaakt, getraind en opgeleid kunnen worden tot het genoemde doel." |
| HOME | ||||||||||||||||
| naar de kalender van het jaar: | ||||||||||||||||
| 1993 | 1994 | 1995 | 1996 | 1997 | 1998 | 1999 | 2000 | 2001 | 2002 | 2003 | 2004 | 2005 | 2006 | 2007 | 2008 | 2009 |